Stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, zoals laagveengebieden, kan leiden tot vermesting en verzuring wat weer een (negatief) effect heeft op de aanwezige flora- en fauna. Ook kan dit (stikstofdepositie) verlanding in de successtadia van veenmosrietland tegenhouden en zelfs (ongewenst)veenafbraak bevorderen. Veenweidegebieden als ‘Polder Westzaan’ en ‘Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske’, beide Natura 2000-gebieden, staan door voorgenoemde gevolgen van stikstofdepositie onder druk. Staatsbosbeheer voert daarom in opdracht van Provincie Noord-Holland (herstel)instandhoudingsmaatregelen uit met als doel de gevolgen van stikstofdepositie te beperken en de natuur meer robuust te maken. In hoofdlijnen bestaan de herstelwerkzaamheden uit plaggen en verwijderen van exoten en opslag.
Vanuit de Omgevingswet en provinciaal beleid geldt dat specifieke natuurwaarden bescherming kennen, waarvoor regels zijn opgesteld. De regelgeving heeft als doel het behoud van soorten en hun leefgebieden en het voorkomen van onnodige schade aan planten, dieren, natuurgebieden en houtopstanden. Doordat de beoogde herstelwerkzaamheden onderdeel zijn van instandhoudingsmaatregelen voor de twee Natura 2000-gebieden vallen de werkzaamheden onder een vrijstelling. Desalniettemin wil Staatsbosbeheer rekening houden met de (specifieke)zorgplichten en bescherming van natuurwaarden, waaronder de verschillende (streng) beschermde soorten in het gebied als broedvogels, hermelijn, noordse woelmuis en waterspitsmuis. Daarnaast wilt Staatbosbeheer voorkomen dat de werkzaamheden leiden tot verspreiding van exoten als watercrassula. Hierom heeft Staatsbosbeheer aan Blom Ecologie gevraagd om een Natuurtoets uit te voeren en op basis daarvan een Ecologisch werkprotocol op te stellen. Het doel was om negatieve effecten ten aanzien van o.a. broedvogels, haas, hermelijn, noordse woelmuis, ringslang, rugstreeppad, vissen, vleermuizen, waterspitsmuis en wezel naar aanleiding van de voorgenomen werkzaamheden zoveel mogelijk te voorkomen en verzachten. Ook resulteerde het natuuronderzoek tot maatregelen voor het verwijderen en ter voorkoming van verspreiding van exoten en het behouden van waardevolle structuren.