Wet natuurbescherming (Wn)

Het ministerie van Economische Zaken heeft laten weten dat per 1 januari 2017 de Wet natuurbescherming (Wn) in werking zal treden. In de Wet natuurbescherming zijn de Flora- en faunawet, Boswet en Natuurbeschermingswet samengevoegd. In plaats van de rijksoverheid worden de provincies het bevoegd gezag. Ten aanzien van de soortbescherming (Ff-wet) komen de huidige tabellen 1, 2 en 3 te vervallen. In de Wet natuurbescherming is de soortbescherming opgedeeld in 3 beschermingregimes, namelijk: beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en beschermingsregime overige soorten.

Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Wn, art. 3.1): alle inheemse Nederlandse vogels waarbij waarschijnlijk de huidige lijst met jaarrond beschermde nesten en functionele leefomgeving wordt gehandhaafd door de provincies.

Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Wn, art. 3.5): alle soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en Bijlage II van het verdrag van Bern en Bijlage II va het verdrag van Bonn.

Beschermingsregime overige soorten (Wn, art. 3.10): vaatplanten, zoogdieren, amfibieën, reptielen, dagvlinders, libellen en kevers die worden beschermd vanwege ecologische redenen en/of de breed in de maatschappij levende overtuiging dat deze dieren bescherming behoeven. Provincies kunnen een afzonderlijk een afweging maken in welke mate deze soorten beschermd moeten worden.